21.21
22 Mei 2026
1. Meditatie: “Steen des aanstoots”
Lijden en kruisdood waren voor Jezus de onmisbare weg naar zijn verrijzenis. Zo wilde Hij de Schriften vervullen. En wij kunnen enkel zijn leerling worden door onze zelfverloochening, ons lijden en kruis van elke dag te dragen en tenslotte met Hem te sterven. Dit wordt echter niet door deze wereld toegejuicht, integendeel het is louter negatief, een schande, een steen des aanstoots.
Hoewel dit een belangrijke en heldere leer is die Jezus ons in zijn Evangelie geeft, komt dit aspect nagenoeg niet voor in het gewone onderricht van het christelijk geloof. En bijbelcommentaren schenken nauwelijks of geen aandacht aan deze zo belangrijke “steen des aanstoots”.
“Skandalon” in tweevoudige zin
Het woord “aanstoot” (Grieks: skandalon, waarvan ons woord ‘schandaal’) komt 11 x voor in het Nieuwe Testament en “aanstoot geven” (skandalidzein), als ik goed geteld heb, 24 x.
In het klassieke Grieks was “skandalon” het haakje van een vangklep waar aas aan bevestigd werd. Zodra het aas genomen werd sloeg de valklep dicht. Vandaar de betekenis van een valstrik, een struikelblok, een hinderlaag. Ook het ijzeren uitsteeksel op de grond, waardoor de twee delen van een poort worden tegengehouden is een skandalon, een obstakel dat ons ten val kan brengen.
Negatief wordt het gebruikt in de zin van: ergernis geven aan kleinen en zwakken zodat ze in verwarring geraken, ten val komen en de weg met God niet vinden. Positief is dat Jezus’ lijden en sterven de noodzakelijke weg zijn naar onze verlossing en de verrijzenis.
Dit lijden en sterven botst met de geest van deze wereld, geeft aanstoot en wordt niet aanvaard:
“Maar wij verkondigen een gekruisigde Christus, voor de joden een aanstoot, voor de heidenen een dwaasheid, maar voor hen die geroepen zijn, joden zowel als heidenen, is Hij Gods kracht en Gods wijsheid” (1 Korintiërs 1, 23-24). Daarom zegt Jezus: “Gelukkig is hij die aan Mij geen aanstoot neemt” (Mattheus 11, 6).
Dwaasheid volgens de geest van de wereld
Jezus zelf is de steen die de bouwlieden hebben afgekeurd maar die in feite de hoeksteen geworden is (psalm 118, 22; Handelingen 4, 11). Jezus is voor hen die niet geloven een struikelblok, maar voor hen die Hem wel aanvaarden, waarheid, leven en heil.
In een wereldse opvatting zijn lijden en dood louter negatief. De wereld heeft het daarom ook heel moeilijk om deze werkelijkheden te aanvaarden. Ze kan er geen zin aan geven. Ze horen nochtans onlosmakelijk bij het menselijk leven. In die zin bestaat er geen “mensonwaardig lijden”. Iemand kan wel mensonwaardig handelen waardoor een ander onrechtvaardig lijdt, maar het lijden zelf is nooit mensonwaardig.
Omdat er vanuit louter werelds perspectief geen positieve waarde kan gegeven worden aan het lijden wordt driftig gestreefd naar vrije abortus bij gelijk welke moeilijkheid, vrije euthanasie voor zieken, gehandicapten, bejaarden, “therapeutische hardnekkigheid” om met alle mogelijke technische middelen de menselijke organen in werking te houden (waarvan de zinloosheid nu stilaan wel doorgedrongen is) …
Noodzaak van lijden en sterven
Met ons gedrag dienen we te vermijden dat anderen in verleiding of verwarring komen of dat anderen zich omwille van ons verwijderen van God. Anderzijds mogen we ons niet schamen omdat het kruis van Jezus aanstoot geeft aan de wereld of omdat ons christelijk denken en handelen radicaal ingaat tegen de heersende openbare opinie.
Het christelijk geloof werpt hierop een helder licht. Jawel, we moeten ons inzetten om het lijden van anderen en van onszelf zo veel mogelijk te vermijden of te overwinnen en zo lang en goed mogelijk gezond te leven. Lijden en sterven zijn volgens de geest van het Evangelie echter niet alleen maar negatief. Ze zijn ook noodzakelijk voor onze omvorming tot volgeling van Jezus om te kunnen delen in zijn verrijzenis.
Ieder lijden in geloof met Jezus beleefd, zal een bijdrage worden aan het schitterende mozaïek van ons nieuwe leven, onze verrijzenis. Omgekeerd is zonder lijden er geen weg mogelijk naar onze deelname aan Jezus’ verrijzenis en sterven. Dat is de immense hoop die het christelijk geloof biedt. Ze zijn de noodzakelijke weg van onze omvorming:
“En als de Geest van Hem die Jezus van de doden heeft opgewekt, in u woont, zal Hij, die Christus Jezus van de doden heeft doen opstaan, ook uw sterfelijk lichaam eenmaal levend maken, door de kracht van zijn Geest die in u verblijft’” (Romeinen 8, 11).
Ga weg, satan
Tijdens zijn aardse leven heeft Jezus zijn apostelen willen duidelijk maken dat Hij de Messias van Israël is, de Koning van de Joden, de Zoon van God en de Redder van de wereld. Petrus schijnt dit begrepen te hebben en geeft onomwonden zijn getuigenis: “Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God” (Mattheus 16, 16). Jezus vervolgt door te zeggen dat zijn zending een “opgaan naar Jeruzalem” is, wat inhoudt dat Hij daar door de religieuze leiders zal veroordeeld en gedood worden om op de derde dag te verrijzen.
Petrus is echter nog doordrongen van de geest van de wereld. De Messias van Israël en de Koning van de joden moet de Romeinse bezetter met een verpletterende macht verdrijven en in volle glorie zijn troon innemen. Het lijden en sterven van de Messias was voor Petrus onaanvaardbaar en hij wil met de beste bedoelingen Jezus daartegen beschermen. Jezus’ antwoord is echter radicaal: “Ga weg, satan, terug! Gij zijt Mij een aanstoot, want gij laat u leiden door menselijke overwegingen en niet door wat God wil” (Mattheus 16, 23).
Jezus gaat zelfs nog verder en zegt dat ieder die zijn leerling wil worden, zichzelf moet verloochenen en iedere dag zijn kruis moet opnemen. Neen, dat is geen oogverblindend programma van een politieke leider die volgelingen wil winnen, integendeel. Het is wel de enige weg van onze uiteindelijke redding, de weg naar het gelukzalige leven met God waartoe we geschapen werden.
Besluit
Jezus nodigt ons uit om Hem te volgen. Hierdoor zullen ook wij onvermijdelijk “een steen des aanstoots” voor deze wereld worden. Jezus zegt: “Als ze Mij vervolgd hebben, zullen ze ook u vervolgen” (Johannes 15, 20). Zijn we daartoe bereid of laten we ons verleiden om ons aan te passen aan de opvattingen en gedragingen die nu populair zijn in de wereld? Zijn de Kerk en haar leiders eveneens bereid trouw te blijven aan Jezus en zijn Evangelie zonder compromissen met deze wereld. Willen ze het Kruis aanvaarden en moedig tegen de stroom in varen? Of verkiezen zij een aan de wereld aangepaste “synodale kerk”? Dan zal Jezus aan hen die met goede bedoelingen aan deze kerk hun krachten hebben besteed of besteden, hetzelfde antwoord geven als aan Petrus: “Ga weg, Satan!... Gij laat u leiden door menselijke overwegingen…” (Mattheus 16, 23).
P. Daniel
2. Apologie: Hoe spreek je met ‘n atheïst over Jezus (15)
Drie-eenheid (III): Hoe kan Jezus God zijn als Hij tot de Vader bidt?
1. Inleiding
De Drie-eenheid – één God, één wezen, drie Personen: Vader, Zoon en Heilige Geest – blijft een mysterie. Toch willen we ons geloof beter begrijpen en aan onze atheïstische of agnostische vrienden tonen dat het geen irrationeel sprookje is. Integendeel, het is redelijk en Bijbels. Het is een uitnodiging om te geloven naar de woorden van Paulus en Silas: “Geloof in de Heer Jezus Christus en u zult gered worden, u en uw huisgenoten” (Handelingen 16, 31).
Vandaag behandelen we een klassiek bezwaar: Jezus die tot de Vader bidt. Kijk naar Mattheüs 26, 37-39, vlak voordat Hij wordt gearresteerd:
“En Hij nam Petrus en de twee zonen van Zebedeüs met Zich mee en begon bedroefd en zeer angstig te worden. […] En nadat Hij een weinig verder gegaan was, wierp Hij Zich met Zijn gezicht ter aarde en bad: Mijn Vader, als het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan; maar niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt”.
Als Jezus God is, hoe kan Hij dan tot God bidden? Bad Hij tot Zichzelf? We luisteren naar apologist Sam Shamoun (1):
2. Het korte antwoord: Jezus is de Vader niet
Jezus bidt tot de Vader. Jezus is de Vader niet. Punt. Evenmin is Hij de Heilige Geest. De Bijbel leert ons dat de Vader, de Zoon en de Heilige Geest drie eeuwig verschillende Personen zijn – die elkaar liefhebben, met elkaar gemeenschap hebben en met elkaar spreken.
Waarom zou het ons dan verbazen dat Jezus tot de Vader bidt? Dat is juist wat je verwacht als ze verschillende Personen zijn.
3. Jezus bidt als mens – dat is juist het wonder
Vergeet niet: Jezus bidt als de mensgeworden Zoon. Hij was volledig mens en volledig God (Concilie van Chalcedon, 451). Als mens leefde Hij in afhankelijkheid van de Vader – als voorbeeld voor ons. Zijn gebed toont Zijn nederigheid, niet Zijn minderheid. Als Hij als mens niet had gebeden, dan hadden we een probleem.
4. Bidden is meer dan aanbidden
Veel mensen denken dat bidden automatisch betekent: een mindere die een meerdere aanbidt. Maar Bijbels gezien is bidden breder: het is ook gemeenschap, communicatie, intiem samenzijn, en het vragen aan een ander.
Dus waarom zou het ons verbazen dat de goddelijke Zoon intieme gemeenschap heeft met de Vader? De Personen van de Godheid overstelpen elkaar met liefde en prijzen elkaar. Dat is geen gebed van afhankelijkheid, maar een goddelijke dialoog van liefde.
5. De Vader “bidt” niet – Hij verheerlijkt de Zoon
Laten we precies zijn. De Vader bidt niet zoals een schepsel bidt. Maar Hij communiceert wel met de Zoon. Kijk naar Markus 1,10-11:
“En er kwam een stem uit de hemelen: ‘U bent Mijn geliefde Zoon; in U heb Ik Mijn welbehagen gevonden!’”
De Vader spreekt tot de Zoon, drukt Zijn liefde uit en verheerlijkt Hem. Dat is géén onderdanig gebed – het is goddelijke liefde in actie.
Nog sterker: Hebreeën 1, 8-12. De Vader spreekt tot de Zoon:
In dit hoofdstuk wil de schrijver bewijzen dat Jezus, de Zoon van God, goddelijk is. Hij zegt dat Jezus groter is dan de profeten en groter dan de engelen, dat Hij de afstraling van Gods heerlijkheid en de exacte afdruk van Zijn wezen is, en dat Hij alle dingen draagt door het woord van Zijn kracht (Hebreeën 1, 3). Vervolgens schrijft hij over de Zoon:
“Van de Zoon zegt Hij [d.i. de Vader]: ‘Uw troon, o God, is eeuwig in eeuwigheid ... daarom heeft God, uw God, U gezalfd met vreugdeolie, meer dan uw metgezellen.’ En: ‘U, Heer, hebt in het begin de aarde gegrondvest, en de hemelen zijn het werk van uw handen’”.
Dit is de Vader die tot de Zoon spreekt – Hij verheerlijkt en prijst Hem. Als God de almachtige Vader Zelf de Zoon verheerlijkt, de Zoon prijst, en taal voor de Zoon gebruikt die je niet voor een schepsel kunt gebruiken – “U bent de God die voor altijd regeert,” “U bent de Heere die de hemel en aarde schiep“ – dan is dat de intieme gemeenschap
6. De Heilige Geest bidt niet – Hij leidt ons gebed
Romeinen 8, 26-27:
“”En evenzo komt de Geest onze zwakheid te hulp; want wij weten niet wat wij bidden zullen zoals het behoort, maar de Geest Zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen. En Hij, Die de harten doorzoekt, weet wat de bedoeling van de Geest is, dat Hij namelijk overeenkomstig God voor de heiligen pleit”.”
Het is de Heilige Geest die je leert bidden, je ertoe beweegt en in je hart legt wat je zeggen moet. Hij bidt door jou heen tot de Vader. De Geest bidt dus niet tot de Vader als een mindere; Hij is degene die ons gebed leidt. Dat is een teken van Zijn goddelijke persoon-zijn, niet van Zijn minderheid.
7. De logische valkuil van de tegenstander
Dus samengevat:
De Zoon bidt (als mens) tot de Vader.
De Vader verheerlijkt de Zoon.
De Geest leidt ons gebed en verheerlijkt de Zoon.
Als iemand nu zegt: “Jezus kan niet God zijn omdat Hij bidt” – dan moeten ze uit logische consistentie ook zeggen: “De Vader kan niet God zijn omdat Hij de Zoon verheerlijkt” en “De Geest kan niet God zijn omdat Hij voor ons pleit.”
8. Jezus claimt zelf de eer van de Vader
In Johannes 17, 1-2 bidt Jezus:
“Vader, verheerlijk Uw Zoon, opdat ook Uw Zoon U verheerlijkt.”
Welk schepsel durft zo te spreken? “Verheerlijk Mij, zodat Ik U kan verheerlijken”? Geen engel, geen profeet, geen mens.
En in Johannes 8, 54 zegt Jezus ronduit:
“Als Ik Mijzelf verheerlijk, is Mijn heerlijkheid niets. Mijn Vader is het Die Mij verheerlijkt, van Wie u zegt: ‘Hij is onze God.’”
Kun je je een gewone Jood in de eerste eeuw na Christus voorstellen die zegt: “Die God die jullie aanbidden… die eert Mij”? Dat is óf godslastering – óf de waarheid.
9. Conclusie
Binnen de ene God leven drie Personen in eeuwige gemeenschap. De Zoon bidt (als mens) tot de Vader. De Vader verheerlijkt de Zoon. De Heilige Geest pleit voor ons en verheerlijkt de Zoon. Geen tegenstrijdigheid – precies wat je verwacht van drie Personen die oneindig veel van elkaar houden.
Dus de volgende keer dat iemand zegt: “Jezus kan God niet zijn, Hij bidt toch?”, antwoord dan vriendelijk maar pittig:
“Natuurlijk bidt Jezus tot de Vader. Hij is de Vader niet. Maar de Vader verheerlijkt de Zoon, en de Geest leidt ons gebed. Drie Personen in communicatie met elkaar, één God, één liefde. Dat is geen bezwaar – dat is de kern van het Evangelie”
P. Jean
3. Kerk en wereld
Eenenderdig jaar geleden, op 25 maart 1995 schreef Johannes-Paulus II zijn encycliek Evangelium vitae als een sterk pleidooi om onze doodscultuur om te vormen tot een beschaving van liefde en waarheid. De encycliek bevat vier hoofdstukken:
1. “Het bloed van uw broeder roept uit de grond tot Mij”. Zo spreekt God tot Kaïn die zijn broer Abel vermoord heeft uit jaloezie. Alle menselijke beschavingen zijn gegrond op deze rivaliteit, die tot geweld en doodslag leidt. Al is abortus radicaal verschillend van contraceptie, beiden vinden hun oorsprong in hetzelfde mechanisme van geweld. Hierop volgt euthanasie van bejaarden, zwaar zieken en gehandicapten. Het is de onmacht en onwil om zinvol het lijden te dragen. Op de kindermoord volgen de vader- en moedermoord en tenslotte de zelfmoord.
2. “Ik ben gekomen opdat zij leven zouden bezitten”. Jezus is het Licht van de wereld, de bron van de Vreugde, de Weg, de Waarheid en het Leven zelf. Wij zijn geschapen naar Gods Beeld opdat we in zijn naam en met de kracht van zijn Geest, het leven zouden koesteren en de menselijke waardigheid zouden bevorderen.
3. “Gij zult niet doden”. Het leven van ieder mens is heilig en verdient onvoorwaardelijk beschermd te worden vanaf de conceptie tot aan de natuurlijke dood. Dit is een grondwet voor iedere mens en voor iedere beschaving van welke tijd, ras of geloof ook. Hoe komt het dat Hippocrates, een heiden uit de 5e-4e -eeuw vóór Christus dit al wist terwijl sommige moderne geneesheren, die bijna alles kennen van de embryologie, dit niet weten? Technische kennis zonder moraal wordt barbaarsheid.
4. “Dat hebt ge voor Mij gedaan”. Wat we doen voor de minste van onze medebroeders of -zusters doen we voor Jezus, onze gestorven en verrezen Heer. “Er is een dringende nood aan een algemene mobilisatie van de gewetens en een gemeenschappelijke inspanning op ethisch vlak om een groot beleidsplan ten dienste van het leven op te zetten” (nr. 95). We moeten een halt toeroepen “… aan het gevaar van een eigenzinnige willekeur van de individuen en aan het dodende totalitarisme van het openbaar gezag” (nr. 96). (Een nuttige toelichting hierop: https://lesalonbeige.fr/leglise-au-secours-de-la-conscience/)
***
Elf christenen beleven hun geloof verborgen in de bergen in China. Een YouTube AI-video zegt dat ze waren aanvankelijk met 12 maar op een dag kwam een van hen niet meer terug. Uiteindelijk werden ze ontdekt en brutaal gearresteerd. Ze werden naar een hoge berg geleid om vandaar geduwd te worden in het ijskoude water, 180 onder hen. Indien ze Jezus verloochenen kunnen ze hun leven redden. Allen blijven hun trouw aan Jezus belijden. En allen worden een voor een van de rotswand geduwd. Er vinden echter wonderbare tekens plaats.
De veroordeelden worden als het ware door een gouden wolk opgevangen en het water is lauw in plaats van ijskoud. Allen blijven in leven. De commandant en de meerderheid van de soldaten die hen moesten doden vallen op de knieën en worden christen. Tenslotte komt de man die eens bij hen hoorde, hij valt op de knieën en vraagt om vergeving. Hij was het die de anderen voor geld heeft verraden. Hij zegt dat ze hem mogen doden want dat hij niet meer waard is te leven. Hij krijgt vergiffenis en wordt samen met de andere bekeerde Chinezen vurige verkondigers van Jezus:
4. Nieuws uit de gemeenschap
De 7e zondag, tussen Hemelvaart en Pinksteren, wordt in onze byzantijnse liturgie “de zondag van de heilige Vaders” genoemd. Bedoeld worden de 318 Vaders van het eerste oecumenisch concilie te Nicea in 325. Zij verwierpen krachtig de ketterijen van de Alexandrijnse priester Arius die o.m. beweerde dat Jezus niet gelijk was aan de Vader. De vaders bevestigden plechtig dat Jezus werkelijk God is en ”wezensgelijk” (consubstantialis) aan de God de Vader.
Met de liturgie van vorige zondag vereerden we echter niet zozeer die concilievaders maar wel het mysterie dat Jezus, de God-Mens, met zijn volwaardig verheerlijkt menselijk lichaam teruggekeerd in de heerlijkheid van de Vader. Hier heerst Hij met de Vader over hemel en aarde en bereidt de uitstorting van de heilige Geest voor. Het is tevens een blijde boodschap voor ons.
Door de heilige Geest is Jezus op een nieuwe wijze bij ons, niet meer met zijn zichtbaar lichaam, maar boven de beperktheid van tijd en ruimte. En het feit dat Jezus met zijn verheerlijkte mensheid in de glorie van de Vader binnentreedt, geeft ons de mogelijkheid Hem eens op die wijze te volgen! Dat bevat een immense hoop: heft uw hoofden omhoog!
5. Enkele foto’s
Geneeskrachtige kruiden worden gedroogd. Achteraan rechts abrikozenboompjes in wording (door het stormweer van de voorbije dagen is de abrikozenoogst praktisch verloren)
Bezoek aan het herdersgezin
Gedachtenwisseling: hoe kunnen we helpen bij de groeiende schrijnende armoede?









